Home > Legal Info, News > Strafmaat in Sneep II: 10 maanden per slachtoffer

Strafmaat in Sneep II: 10 maanden per slachtoffer

February 20th, 2011

Vrijdag 18 februari 2011 heeft Rechtbank Almelo uitspraak gedaan in de zogenaamde Sneep II zaak (LJN: BP5092, Rechtbank Almelo , 08/963014-0790)  In deze zaak stonden 14 vermeende handlangers van Saban B. terecht. Onder deze handlangers verdachten Berut K., Pehlul T. En zijn broer Nuri T. Slechts vijf van alle 14 verdachten werden door de rechtbank schuldig bevonden aan mensenhandel en deelname aan een criminele organisatie. De andere handlangers werden wegens gebrek aan bewijs vrijgesproken. Voor het overige legde de rechtbank aanzienlijk lagere straffen op dan door het openbaar ministerie waren geëist. De strafmaat die de rechtbank daarbij hanteerde was 10 maanden gevangenisstraf per slachtoffer. Deze strafmaat baseerde de rechtbank op eerdere uitspraken (eerste aanleg en hoger beroep) in de zogenaamde Sneep I zaken.

De rechtbank wil niet de ernst van de wel bewijsbare feitelijkheden bagatelliseren of iets afdoen aan de ernst van mensenhandel. De rechtbank hecht er echter aan om het door de officier van justitie geschetste beeld te relativeren, in die zin dat een substantieel aantal van de in het requisitoir genoemde algemeenheden niet zijn tenlastegelegd en geen onderbouwing vinden in het dossier en dat een groot deel van de aan verdachten wel tenlastegelegde feiten niet bewezen kan worden.

De strafeis in hoger beroep lijkt aan te sluiten bij de door de rechtbank in Sneep I gehanteerde norm. De rechtbank zal die norm in de Sneep II zaken ook toepassen omdat uit een oogpunt van rechtsgelijkheid de verdachten in Sneep II niet zwaarder gestraft mogen worden dan de verdachten uit Sneep I en omdat de recente verhoging van het strafmaximum in deze zaak niet geldt. Vorenstaande leidt ertoe dat de rechtbank voor de bewezenverklaarde mensenhandelzaken als uitgangspunt een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van tien maanden per slachtoffer zal hanteren. Dit strafminimum zal worden verhoogd indien er sprake was van geweld, ernstig geweld of verkrachting of wanneer het feit in vereniging werd gepleegd dan wel wanneer het ging om een in vergelijking met de overige zaken lange periode. Voor deelneming aan een criminele organisatie gaat de rechtbank uit van een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van twaalf maanden, te verlagen als de rol van verdachte in vergelijking met die van anderen ondergeschikt was. Aan verdachten die leiding hebben gegeven aan de organisatie wordt een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van 24 maanden opgelegd.” lees ook

Chris Sent Legal Info, News , , , , ,

Comments are closed.