Home > Human Info, News, Political info > WOMEN Inc. 23 mei: een debat ten dienste van wie?

WOMEN Inc. 23 mei: een debat ten dienste van wie?

May 25th, 2011

Het WOMEN Inc. debat op 23 mei had als thema: Regulering prostitutie: in het belang van wie? Sekswerker, illegale seksslavin of economisch immigrant? Het debat was eerder aangekondigd onder de titel Vrouwenhandel: seksslavin of economisch immigrant. Beide benaderingen karakteriseerden het debat. Wat opviel was dat een deel van de sprekers zich richtte tegen het wet(svoorstel) Regulering prostitutie en bestrijdig misstanden seksbranche (prostitutiewet), in het bijzonder de daarin aangekondigde registratieplicht. Sommige sprekers richtten zich tegen de slechte sociale en werkomstandigheden van vrijwillig werkende sekswerkers. Maria Genova sprak over vrouwenhandel.

Al met al zou bijna het idee kunnen ontstaan alsof er onenigheid bestaat, en de ene partij geen oog heeft voor de ellende van mensenhandel, of de andere partij geen oog heeft voor de positie van de (niet gedwongen) prostituee. Het onderwerp van de avond: Regulering prostitutie: in het belang van wie? kwam daarmee niet uit de verf. Het ging aan de ene kant over sekswerk; een beroep dat in al zijn facetten als volwaardig beschouwd dient te worden. Aan de andere kant ging het over mensenhandel, gedwongen uitbuiting in de prostitutie, waarbij het gaat om de rechtenschendende omstandigheden waaronder uitbuiting in de prostitutie plaatsvindt. Mildred Roethof miste helaas de kennis en achtergrondinformatie om dit tot een geheel te laten debateren.

Stuk voor stuk waren het ijzersterke verhalen van sterke vrouwen, die allemaal eilandjes bleven. De enige rode draad door het debat was de bij bijna alle in de zaal aanwezige partijen bestaande weerstand tegen de registratieplicht voor prostituees. Voorstander van registratie toonde zich alleen wethouder Lodewijk Asscher en de in het publiek aanwezige Officier van Justitie Monique Mos, gespecialiseerd in mensenhandel.

Marjan Wijers, grand lady in de strijd tegen mensenhandel en voorvechtster van rechten voor sekswerkers opende het debat met een constructief betoog tegen de registratieplicht voor prostituees. Zij vroeg het publiek zich voor te stellen dat het geweld tegen homo’s in Nederland toenam, en wij alle homo’s zouden verplichten zich in te schrijven in een speciaal register en hen dan ook nog zouden vertellen dat het allemaal voor hun eigen bestwil zou zijn. De vergelijking zal duidelijk zijn: met de prostitutiewet vragen wij straks alle prostituees zich te registreren “Alsof de mensenrechten van prostituees minder waard zijn en het enige recht dat zij nog hebben is om gered te worden.”  Sekswerkers willen rechten, zij willen niet allemaal gered worden. Daarmee spitste Wijers haar betoog geheel toe op de te verwachten registratieplicht.

De registratieplicht tast niet alleen de privacyrechten aan van prostituees. Prostituees, gedwongen of vrijwillig worden strafbaar wanneer zij zich niet laten registreren. Officier van Justitie Monique Mos reageerde hier op dat het Openbaar Ministerie toch echt geen niet-geregistreerde prostituees (al dan niet slachtoffer mensenhandel) zal gaan vervolgen. Zou dit betekenen dat deze nog (aan te nemen) maatregel niet gehandhaafd gaat worden? Niet geregistreerde prostituees niet vervolgen, betekent gedogen. In dat geval is het natuurlijk echt de vraag wat met die maatregel wordt beoogd.

Ilonka Stakelborough, al zo’n twintig jaar actief als sekswerker en oprichtster van Geisha (een (nieuwe)vakbond voor sekswerkers), brak een lans voor de sociale positie van sekswerkers. Zij maakte onverbloemd duidelijk dat het stigma dat aan het vak kleeft in de praktijk leidt tot discriminatie. Of het nu gaat om het openen van een zakelijke rekening, het krijgen van krediet, een hypotheek of sociale verzekeringen, het stuit op problemen. Bij de Kamer van Koophandel ingeschreven sekswerkers dienen wel belasting te betalen maar genieten amper de voordelen die ieder ander werkende in Nederland wel heeft. Ze maakte ook duidelijk dat de monopoliepositie van raamverhuurders het soms lastig maakt voor sekswerkers die minder dan zes of zeven dagen willen werken per week. Juist door de opheffing van het bordeelverbod is zo een grotere macht gekomen bij deze exploitanten. Stakelborough had haar dochter meegenomen. Dat debatleidster Roethof dat ‘dapper’ noemde, bevestigde eens te meer het stigma dat door Stakelborough zo duidelijk geschetst werd, want waarom zou dat eigenlijk dapper moeten zijn?

Wethouder Lodewijk Asscher, onder andere verantwoordelijk voor de aanpak van de wallen in Amsterdam, en als gast aanwezig bij het debat, gaf aan in beginsel wel voorstander van registratie te zijn. Hij stelde dat vrouwen straks een gesprek krijgen waarbij specialistische hulp aanwezig zal zijn, waar doorverwezen kan worden en waar signalen van mensenhandel kunnen worden opgevangen en vastgelegd. Asscher schetste daarmee een rooskleurig beeld van het eens in de drie jaar en drie maanden te voeren gesprek van een half uurtje met een gemeenteambtenaar. Doel van dat gesprek is vooral voorlichting geven aan de prostituee (in wording). Signalen van mensenhandel moeten worden doorgespeeld aan de politie en mogen niet worden opgeslagen in het register, in tegenstelling tot wat Asscher stelde. Dat is niet toegestaan omdat dat niet in overeenstemming is met het doel van het register. De Memorie van toelichting bij de prostitutiewet is heel duidelijk over het wel beoogde doel van het register: ‘zicht krijgen op de branche’ en niet het bestrijden van mensenhandel.

Linda Futa van Goch, oprichtster van ‘Open Ogen’, in het publiek aanwezig en zelf ervaringsdeskundige als het gaat om gedwongen prostitutie, gaf aan dat zij zich destijds  liet registreren terwijl ze daartoe gedwongen werd. Daarmee maakte ze duidelijk dat registratie een schijn van legaliteit kan oproepen en dat vooral kan toch niet de bedoeling zijn.

Maria Genova, schrijfster van het boek ‘Man is stoer, vrouw is hoer’, hield een emotioneel betoog over vrouwenhandel, gedwongen uitbuiting in de prostitutie. De zwarte zijde van de prostitutie.

Maria Genova

Na het verschijnen van haar boek, dat het verhaal vertelt van Anna die twaalf jaar getrouwd  was met een loverboy, kreeg zij honderden brieven en e-mails van slachtoffers van gedwongen prostitutie, de één nog schrijnender en gruwelijker dan de andere. Emotioneel bewogen vroeg ze zich af hoe het mogelijk is in dit land dat er gemeenteambtenaren zijn die vier vijf vrouwen bij een man op hetzelfde adres inschrijven. En waarom de alarmbellen niet vreselijk gaan rinkelen bij fiscus en ander diensten. Het verhaal kwam aan, hard aan en maakte eens te meer duidelijk dat vrouwenhandel aangepakt moet worden op meerdere linies. Haar verhaal was daarmee het enige verhaal over juist deze zwarte zijde van de prostitutie. Dat was jammer want ook juist in dit soort debatten zou de aanpak van misstanden ook centraal moeten staan.

Esther Meppelink, oprichtster en eigenaar van escortbureau Women of the World maakte duidelijk hoe naar haar verwachting de registratieplicht zal uitpakken voor vrijwillig werkende vrouwen. Zij gaf aan dat alle foto’s op de website van Women of the World niet voor niets zijn geblurred. Gedwongen prostituees zullen als eerste (gedwongen) in de rij staan om zich te laten registreren terwijl de vrouwen die vrijwillig werken liever niet hun privacy op zullen geven. Zij pleitte voor een aanpak waarbij prostitutie als volwaardig werk wordt gezien en waarop het beleid moet worden aangepast. Gedwongen prostitutie is een ander probleem, een internationaal probleem aldus Meppelink: Dat vraagt om internationale aanpak en versterking van de ketenaanpak.

Laurens Buys, socioloog aan de Universiteit van Amsterdam, veegde op basis van gedaan onderzoek de vloer aan met Project 1012, zo genoemd naar het postcodegebied waaronder de Amsterdamse wallen vallen:

Maar helaas heeft het Project 1012 in veel opzichten alleen maar averechts gewerkt. Het is niet alleen uitgelopen op een financiële nachtmerrie die al vele tientallen miljoenen verslonden heeft, maar het lijkt erop dat de al kwetsbare prostituees in Amsterdam alleen maar verder in de verdrukking zijn gebracht. De huurprijzen van de peeskamertjes zijn fors gestegen en sommige dames zijn in een bittere concurrentieslag verwikkeld geraakt waarbij ze steeds meer moeten inleveren op het gebied van loon en zelfstandigheid. Niemand weet precies wat er met de vele vrouwen is gebeurd die door het sluiten van een groot deel van de ramen op straat terecht zijn gekomen, en daar heeft de gemeente ook nauwelijks aandacht voor gehad.

Vervolgens opende Buys de aanval op de PvdA en de teloorgang van de sociaaldemocratie. Gevolg was dat de eigenlijke en sterke argumenten voor of tegen het Project 1012 ondergesneeuwd werden: Jammer.  Het gehele betoog van Buys is hier te lezen.

Asscher reageerde op deze ‘column’, zoals hij het betoog van Buys kwalificeerde, met aan te geven wat Amsterdam allemaal wel gedaan heeft in de strijd tegen mensenhandel, waaronder het prostitutie en gezondheidscentrum P&G292. De wat aanvallende debattechniek van Roethof droeg daarbij helaas niet bij aan een open debat over het Amsterdamse prostitutiebeleid. Amsterdam heeft inmiddels 110 prostitutieramen gesloten om het probleem beheersbaar te maken. Daar hoort de sterke vermindering van het aantal ramen bij, aldus Asscher. Op de vraag uit de zaal waar de vrouwen gebleven zijn van de inmiddels 110 gesloten ramen in de Amsterdamse wallen, stelde Asscher dat er zijn er die uit het vak zijn gestapt. Jan Hendriks, mensenhandelspecialist bij het Korps Landelijk Politie Diensten, en in het publiek aanwezig, maakte duidelijk dat namen van vrouwen die eerst achter de inmiddels gesloten ramen werkten, zijn opgedoken in andere steden. In dat licht mag de opmerking van Asscher op z’n minst als onhandig gekwalificeerd worden.

In het betoog van Ruth Hopkins, schrijfster van het boek ‘Ik laat je nooit meer gaan’ uit 2005 ,werd het beeld geschetst van de tijd dat Hopkins onderzoek deed naar vrouwenhandel in Nederland. Hopkins kondigde aan dat dit ook haar laatste optreden zal zijn. Jammer voor zover het gaat om haar nuchtere benadering van het onderwerp mensenhandel. Sinds haar onderzoek is er echter veel veranderd, juist ook voor de positie van slachtoffers, en dat maakte haar verhaal soms achterhaald. Hopkins was vooral kritisch over de wijze waarop Nederland omging met ongedocumenteerde oftewel illegaal in ons land verblijvende prostituees. Vrouwen die gedwongen werken in de prostitutie zijn voor de overheid niet altijd slachtoffers die bescherming behoeven maar vooral illegaal vreemdeling. Ze refereerde daarbij aan Cohen die als burgermeester van Amsterdam honderden illegaal werkende prostituees uitzette: eenvoudig omdat zij hier niet legaal verbleven. Dat zij misschien ook slachtoffer van mensenhandel waren, speelde geen rol. Het is ook daardoor dat slachtoffers terecht kwamen en nog steeds in vreemdelingendetentie terecht komen. Zij concludeerde dat de overheid die beschermend zou moeten zijn eigenlijk helemaal niet zo beschermend was en is. Hopkins pleitte bovendien voor het benaderen van ‘slachtoffers van mensenhandel als werkzoekenden en niet als slachtoffers.

Sinds 2005 is er veel ten gunste van de positie van ook niet legaal in ons land verblijvende slachtoffers veranderd. Dat zich geen vermoedelijke slachtoffers van mensenhandel in vreemdelingendetentie bevinden, zoals door Officier van Justitie Mos gesteld, lijkt echter een al te rooskleurig beeld. Sowieso geldt dat een niet legaal in ons land verblijvend slachtoffer van mensenhandel die geen medewerking aan opsporing en vervolging verleent, in beginsel geen recht heeft op een verblijfstatus. Daarmee is hij of zij illegaal vreemdeling en die status is voldoende om ook slachtoffers van mensenhandel in vreemdelingenbewaring of –detentie te plaatsen. In 2009 signaleerde BLinN nog 112 vermoedelijke slachtoffers van mensenhandel  in vreemdelingendetentie.

Marian Donner, schrijfster van het boek ‘lily’, ooit werkzaam als telefoniste bij Women of the World, besloot de avond door te vragen menselijkheid terug te brengen in de prostitutie, te zorgen dat het vak van het stigma wordt ontdaan en vrouwen zich niet meer voor hun vak schamen.

Er zijn prostituees die gered moeten en het wordt tijd dat Nederland de ogen opent en zich werkelijk gaat inzetten in de strijd tegen mensenhandel. Of regulering in de vorm van verplichte registratie daar een bijdrage aan zal leveren werd door bijna alle aanwezigen betwijfeld.

En er zijn ook prostituees die vooral niet gered willen worden. Zij willen vooral rechten, zoals elke hardwerkende Nederlander die heeft en waar ze recht op hebben. Laten we zorgen dat we deze scheiding helder voor ogen blijven houden, zowel in beleid als in discussies, dat voorkomt dat twee kampen ontstaan want dat doet geen van beide groepen goed.

Gezien de reacties op de avond kan verwacht worden dat regulering van de prostitutie, althans voor zover het gaat om registratie, de eerste noch de tweede groep echt verder zal brengen.

Update 27 mei 2011: voor wie het debat live gemist heeft zijn de speeches hier na te lezen.

Chris Sent Human Info, News, Political info , , , , , , , ,

Comments are closed.