Wie zou, zonder bovenmenschelijke macht, alle misdaden kunnen, verhinderen, die door den nachtelijken sluier aan ieder menschelijk oog worden onttrokken? Misdaden van allerlei aard. Niet alleen die welke uit onmiddellijke eigenbelang als die, welke uit botviering van nimmer te verzadigen hartstochten voortspruiten. Die geheel tegen te gaan is feitelijk onmogelijk. Men kan ze straffen (bij ontdekking, die echter niet altijd plaats heeft, daar er duizenden middelen bestaan om den wrekenden arm der gerechtigheid te ontgaan. “ [1]

- Blanke Slavinnen, door P. Uitg.C.J. Koster te A’dam, ca 1920
Alleen het taalgebruik verraadt de historische afkomst van deze tekst. Wie wilde men straffen een kleine honderd jaar geleden? Waren dat de pooiers, de mensenhandelaren, de mannen die vrouwen met flinke klappen en ander geweld achter de ramen zetten en hielden. Nee, die waren niet het te bestrijden kwaad, het kwaad der zinnelijkheid. Begin vorige eeuw waren het de prostituees zelf die bestreden moesten worden.
Nu, bijna honderd jaar later, lijkt het onderwerp van de strijd nog weinig veranderd. Het debat gaat nog steeds over de prostituee en haar vak: vanavond zendt de NCRV op Nederland 2 een debat uit onder de titel Prostitutie: normaalste zaak van de wereld? Nog steeds is de vraag een morele, waar het veroordelend antwoord al in de vraag besloten ligt. Nog steeds komt men maar niet toe aan de vraag waar het om zou moeten gaan: Hoe pakken we mensenhandel werkelijk aan?
De vraag of prostitutie wel een normaal beroep is, wordt gekoppeld aan het fenomeen mensenhandel. Dit levert per definitie een onzuivere discussie op. Nog afgezien van het feit dat ‘normaal’ een subjectief begrip is, gaat mensenhandel in beginsel over iets anders dan prostitutie. Dat een bepaald percentage mensen niet vrijwillig in de prostitutie werkt en slachtoffers van mensenhandel is, zegt nog steeds niet of prostitutie wel of niet een normaal beroep is. Het antwoord op de die vraag is ook niet leidend voor de vraag of en hoe we de strijd aangaan tegen dit misdrijf. Dat veel uitbuiting in de champignonteelt voorkomt, maakt het beroep van champignon-steker nog geen abnormaal beroep.
Het zal de bedoeling zijn van het NCRV debat aandacht aan mensenhandel te besteden, al doet de titel anders denken. Uitgenodigd zijn Anita de Wit, oprichtster van Stoploverboys.nu en moeder van een vlinder (slachtoffer) en Gonnie Lemckert, ooit zelf werkzaam in de prostitutie, en nu steun en toeverlaat van menig Gronings straatprostituee. Tot zover prima gesprekspartners als het gaat om prostitutie en de strijd tegen mensenhandel. De andere twee genodigden, kunstenares Jimini Hignett en stadsdeelvoorzitter van het wallengebeid Jeanine van Pinxteren, stemmen wat minder hoopvol. Het is onduidelijk wat hun kwalificaties zijn om met kennis van zaken te debatteren over mensenhandel.Waarom niet Ilonka Stakelborough uitgenodigd, zelf twintig jaar vrijwillig werkzaam in de seksbranche, en gedreven betrokken bij het onderwerp mensenhandel? Als je echt antwoord op de vraag wil hebben of prostitutie een normaal beroep is, dan kan zij dat bij uitstek geven. Dat kan ze overigens ook bij uitstek als het gaat om de vraag hoe mensenhandel aan te pakken. Menigeen ontgaat het onderscheid tussen beide vragen.
We zeggen mensenhandel te bestrijden en hoog op de politieke agenda te hebben. Ondertussen zijn het moreel getinte en onzuivere vraagstellingen die leidend zijn in het debat dat zou moeten gaan over de beste aanpak van uitbuiting onder dwang in de prostitutie, de mensenhandel. Dat onderwerp kreeg in deze ‘Week tegen de slavernij’ eindelijk na jaren de verdiende media-aandacht. Veel debatten gingen echter net zo min over waar het rond 1920 over ging, over de werkelijke aanpak van mensenhandel, onze moderne slavernij.
Hoe mensenhandel werkelijk aan te pakken, is geen morele maar een praktische vraag. Het antwoord op die vraag zou onderwerp moeten zijn van het debat: Mensenhandel pak je niet aan met de nieuwe prostitutiewet die het zicht krijgen op de prostitutiebranche als hoofddoel heeft en niet de bestrijding van mensenhandel. Niet met andere regelgeving die niet gehandhaafd wordt. Niet met morele oordelen over het vak of de vrouwen die het vak uitoefenen.
Mensenhandel pak je aan met meer ‘ogen en oren’; meer of in ieder geval voldoende opsporingscapaciteit bij de politie, die is er nu bij lange na niet; structurele inbedding van ketenaanpak; subsidiering van laagdrempelige inloopprojecten; regelmatige en veelvuldige informatie aan prostituees en ruim voldoende gespecialiseerde opvangplaatsen. Straf de daders met straffen die in verhouding staan tot de ernst van het delict en bij koele berekening nog afschrikwekkende werking hebben. Maak ook het onrechtmatig verkregen geld zo snel mogelijk afhandig. Besteed royaal aandacht aan bewustwordingscampagnes en maak daarin vooral duidelijk hoe erg het is. Laat door daadkracht aan de zijde van de overheid weten hoe erg we het werkelijk vinden. Wij kunnen mensenhandel, uitbuiting in de prostitutie niet tolereren. Mensenhandel, dat is niet normaal.
Chris Sent News, Political info gespecialiseerde rechters, ketenaanpak, mensenhandel, opvangcapaciteit, praktische aanpak