Criteria humanitaire verblijfsaanvraag voor slachtoffers die geen medewerking aan strafproces verlenen
Slachtoffers van mensenhandel die geen medewerking verlenen aan opsporing en vervolging, konden tot december 2010 in zeer schrijnende gevallen een beroep doen op artikel 3.4 derde lid Vreemdelingenbesluit (Vb) voor een verblijfsvergunning. Probleem was dat geen criteria waren gegeven voor toepassing en dus geen beleidskader bestond. Voor zover bekend, werd door slachtoffers nooit een beroep op deze regeling gedaan. Per 22 december 2010 is de B-9 regeling in de Vreemdelingencirculaire gewijzigd: een verblijfsvergunning kan ook worden verleend wanneer het slachtoffer geen aangifte kan of wil doen of anderszins medewerking kan of wil verlenen aan de strafrechtelijke opsporing en vervolging van de mensenhandelaar in verband met: een ernstige bedreiging en/of een medische of psychische beperking. Op het eerste gezicht lijkt daarmee de koppeling van medewerking aan het strafrechtelijke opsporing en vervolging met het verlenen van een verblijfsvergunning verbroken. De vraag is of dat ook werkelijk zo is en hoe deze nieuwe invulling van het beleid beoordeeld dient te worden. Read more…

