Archive

Posts Tagged ‘PTSS’

Acht jaar: conform strafeis. Ligt er een rol voor huisartsen?

June 6th, 2011 Comments off

Patiënte heeft altijd iemand bij zich gehad als zij op spreekuur kwam.

Een uitspraak van rechtbank Utrecht (4 juni 2011 LJN: BQ6884) waar de opgelegde veroordeling geheel conform de door het Openbaar Ministerie geëiste straf is: acht jaar onvoorwaardelijke celstraf voor in beginsel enkelvoudige mensenhandel met twee slachtoffers. De uitspraak roept – in het algemeen – de vraag op of een rol is weggelegd voor (huis)artsen in de strijd tegen mensenhandel.

Een dan nog vijftienjarig en geestelijk labiel meisje afkomstig uit Marokko, huwelijkt een man en wordt wanneer de verblijfspapieren eenmaal in orde zijn, enkele maanden later naar Nederland overgebracht. Eenmaal hier wordt zij direct geslagen en door haar kersverse echtgenoot in de prostitutie op het Zandpad tewerk gesteld. Tien jaar lang heeft de vrouw zo’n 500 tot soms wel 3000 euro per dag verdiend. Zij gebruikte vanaf haar 17e drugs en alcohol om het werk enigszins aan te kunnen. Zij werd geslagen door haar man / pooier wanneer zij niet voldoende uren werkte. De man heeft ook nog een tweede vrouw uitgebuit, voor enkele jaren.

Tien jaar lang uitgebuit! Waarom heeft de vrouw niet eerder weten uit te komen onder het juk van haar man en pooier?[1] De rechtbank refereert hier aan de gecompliceerde relatie die tussen pooier en prostituee kan bestaan en ook in dit geval bestaan heeft.  “Zoals vaker gebeurt wanneer een van de uitbuitingsmiddelen een – van de kant van de pooier voorgewende – affectieve relatie is, is het slachtoffer weer naar verdachte teruggekeerd, vaker dan zijzelf begrijpen kan. … Daarnaast voelde zij zich door het voortbestaan van haar Marokkaanse huwelijk met verdachte ook gedwongen (telkens) naar hem terug te keren. De rechtbank kan haar terugkeer naar verdachte en naar het aanvankelijk niet gewilde leven als prostituee ook verklaren zoals een van de getuigen dat doet: “slachtoffer’s werk was haar leven omdat ze verder geen leven had … in sommige situaties doe je iets omdat je geen betere alternatieven hebt”. De rechtbank voegt daaraan toe:

dat verdachte aan slachtoffer dat andere en eerdere leven ontnomen had door haar in een situatie te brengen die haar vervreemdde van haar familie en een verder leven in haar land van herkomst onmogelijk maakte. (vet: CS)

Read more…

De werking van het geheugen en trauma

September 25th, 2009 Comments off

Er is veel onderzoek gedaan naar de effecten van traumatische ervaringen op het geheugen. Marteling, verkrachting en seksueel geweld vertonen zodanige overeenkomsten met hetgeen slachtoffers van mensenhandel in de seksindustrie veelal overkomt, dat de effecten op het geheugen zonder meer op de overwegend ernstig getraumatiseerde groep slachtoffers van mensenhandel in de seksindustrie van toepassing zijn.

Onderstaande citaten zijn ontleend aan het rapport Goed gehoord, van het MAPP (Meldpunt Asielzoekers Psychische gezondheid) dat zich baseert op het artikel van Evert Bloemen, Eric Vloebergh (Pharos) en Smits in Care Full, Medico-legal reports and the Istanbul Protocol, evenals het artikel van Evert Bloemen, en R. Mellink (2008), ‘Ik kan niet alles vertellen… Asielzoekers met psychische problemen in de asielprocedure’, Maandblad Geestelijke volksgezondheid, nr. 63, p. 890-902. De citaten geven een beeld van de invloed die traumatische ervaringen kunnen hebben op de werking van het geheugen van slachtoffers en daarmee op de juridische waarheidsvinding, zij het bij opsporing, vervolging en berechting en de vaststelling van slachtofferschap.

“Het menselijk geheugen wordt beïnvloed door emoties en de beoordeling van ervaringen. Het is normaal dat herinneringen veranderen in de loop der tijd. Ons geheugen functioneert nu eenmaal niet als een harde schijf op de computer.
Men denkt vaak dat een cruciale ervaring, zoals bijvoorbeeld een ervaring met geweld of marteling, zo indrukwekkend is dat het altijd accuraat herinnerd wordt. Dit is niet altijd het geval. Psychologische processen die samen gaan met traumatisering kunnen de her¬innering aan een bedreigende gebeurtenis beïnvloeden, evenals het vermogen hierover te vertellen. Enerzijds kan dit leiden tot onuitwisbare, blijvende en zich opdringende herinneringen in de vorm van flashbacks en herbelevingen. Anderzijds kan dit leiden tot een fragmentatie van de herinnering of het geheel wegvallen van de herinnering aan een traumatische gebeurtenis. Beide uitersten komen voor, en ook allerlei gradaties er tussenin.”

Politie, Justitie, Rechters en de IND niet uitgesloten beoordelen verhalen van slachtoffers op consistentie. Hoewel enige mate van inconsistentie wel lijkt te zijn toegestaan dienen deze wel achteraf gerepareerd te worden. (Vera Haket, Veranderende verhalen in het strafrecht diss. Leiden: 2008 .

“…. Juist bij traumatische herinneringen komt inconsistentie echter vaak voor. Dit kan bijvoorbeeld veroorzaakt worden door ‘tunnelgeheugen’. Bij tunnelgeheugen is er een goed geheugen voor de centrale aspecten van de traumatische gebeurtenis, maar is er geen of een verminderd geheugen voor details die minder op de voorgrond stonden.
Bijvoorbeeld: een slachtoffer van een auto-ongeluk kan goed beschrijven wat er gebeurde op het moment van het ongeluk, maar kan geen beschrijving geven van de kleur van de auto’s die betrokken waren, of van het aantal hulpverleners dat ter plekke kwam, of van de kleren die de hulpverleners droegen. Ook is het niet vanzelfsprekend dat data van verschillende traumatische gebeurtenissen ‘in iemands geheugen gegrift’ zijn….”

Bij opsporing en vervolging kunnen juist deze perifere details een belangrijke rol spelen. Slachtoffers krijgen tijdens de gehoren veel vragen over tijdstippen, plaats, duur aanwezigheid van getuigen, en andere details die tot strafrechtelijk bewijs kunnen leiden. Juist details kunnen een verhaal geloofwaardiger maken en tot de overtuiging van de rechter leiden. Zonder details kan politie vaak geen onderzoek doen en zal geen vervolging ingezet kunnen worden. Wanneer een slachtoffer zich geen details kan herinneren, geen chronologische beschrijving van hetgeen gebeurd is kan geven, kan dit ten nadele van haar geloofwaardigheid en dat van haar verhaal werken (Haket 2008, p. 198).

“Daarnaast kunnen herhaalde ondervragingen het herinneren van traumatische details bevorderen en verbeteren. Dit zich beter kunnen herinneren (hypermnesie) tijdens een gehoor kan dan leiden tot inconsistenties en daarmee … tot ongeloofwaardigheid. Tot slot kan ook bij mensen met een depressieve stoornis het geheugen worden aangetast.”

Vermijding

“Een gedeelte van de mensen die traumatische ervaringen hebben meegemaakt, ontwikkelt een posttraumatische stressstoornis (PTSS). Een belangrijk kenmerk van een PTSS is vermijding. Dat betekent dat men vermijdt te spreken over de traumatische gebeurtenis. Immers, praten over de traumatische gebeurtenis kan alle gevoelens die behoren bij die gebeurtenis weer naar boven halen, zoals bijvoorbeeld intense angst, verdriet, of soms ook afschuw en schaamte. Denk bijvoorbeeld aan slachtoffers van seksueel misbruik. Het niet denken aan en niet praten over wat er gebeurd is, is voor veel mensen met een trauma een automatische overlevingsstrategie.”

Bij politiegehoren evenals gehoren van de IND wordt uitgebreid naar de traumatische gebeurtenissen gevraagd. De angst voor herbeleving van de gevoelens rondom de traumatische gebeurtenis kunnen soms groter zijn dan de druk om alles direct en volledig te vertellen. Daarnaast kan het vragen naar traumatische gebeurtenissen tot zoveel spanning leiden, dat dit weer van invloed is op het vermogen om te vertellen over het gebeurde.

Schaamte

“Uit onderzoek bij vluchtelingen met traumatische ervaringen in Groot-Brittannië’ is gebleken dat gevoelens van schaamte en de angst voor eerverlies ertoe leiden dat zij tijdens de gehoren niet alles vertellen over deze ervaringen.” Bloemen, E., E. Vloeberghs en C. Smits (Care Full 2006), p. 59.

Mensen praten over het algemeen moeilijk over zaken waarvoor zij zich schamen. Schaamte is een emotie die voortkomt uit het gevoel waardeloos te zijn in de ogen van anderen. Het is sterk ingebed in een culturele context. In veel culturen is schaamte, samen met eer, een belangrijke factor in het sociale en maatschappelijke verkeer. In die culturen wordt dan ook vaak gezwegen over moeilijke en emotionele zaken. De meeste slachtoffers van mensenhandel voelen zich vies en schamen zich tot op een diepst van hun ziel.
In veel culturen -de onze niet uitgesloten- rust een groot taboe op het werken in de prostitutie. Dit geldt eveneens voor verkrachting. Hierbij komt dat prostitutie in veel landen strafbaar is.

Wantrouwen

“Traumatische ervaringen kunnen ook tot wantrouwen leiden. Getraumatiseerde mensen denken vaak dat andere mensen hen niet zullen begrijpen of hun verhalen niet zullen geloven. Dit leidt er soms toe dat zij liever zwijgen over wat ze hebben meegemaakt. Voor het vertellen over traumatische gebeurtenissen is daarom tijd en een sfeer van veiligheid en vertrouwen nodig….”

Concentratieproblemen

“Een PTSS, een depressieve stoornis of grote vermoeidheid (bijvoorbeeld ten gevolge van slaapproblemen) brengen vaak concentratieproblemen met zich mee….”

Slachtoffers vertellen regelmatig dat zij klappen op het hoofd hebben gehad, dat er sprake is geweest van hoofdwonden, of dat zij op een bepaald moment het bewustzijn hebben verloren. Hersenletsel kan dan het gevolg zijn, wat kan leiden tot problemen met het geheugen of met de concentratie.

Mensenhandel in de zin van uitbuiting in de seksindustrie is de oorzaak van ernstige en langdurige medisch-psychishe problemen bij de slachtoffers. Reden voldoende voor het standaard aanbieden van medisch onderzoek, zodra sprake is van een (gering) vermoeden van slachtofferschap.