Archive

Posts Tagged ‘vrijspraak’

“Hij achtte zichzelf altijd al onschendbaar”

May 31st, 2012 Comments off

Een bijzonder lastige zaak waar het Hof op 30 mei 2012 zich voor gesteld zag (LJN: BW6863)  Het Hof Leeuwarden spreekt een eerder en in eerste aanleg veroordeelde pooier vrij van mensenhandel. De overwegingen van het Hof zijn helder en getuigen tegelijkertijd van enige innerlijke strijd. Innerlijke strijd over een toch wel op z’n minst bizarre situatie. Tijdens de zitting verscheen een mondige jonge dame die met geen ander doel naar de rechtbank leek te zijn gekomen dan het Hof te overtuigen van haar zelfstandig- en vrijwilligheid. En dat is gelukt.

Zo overweegt het Hof dat het een feit van algemene bekendheid is “dat slachtoffers van seksuele uitbuiting veelal onder dwang en druk ontkennen slachtoffer te zijn en op gunstige wijze verklaren over diegenen die hen aanzet tot het verrichten van seksuele diensten en/of het afstaan van de opbrengsten hieruit”. Het Hof kan in deze zaak echter onvoldoende aanwijzingen vinden die erop duiden dat deze vrouw zich niet vrijwillig heeft geprostitueerd. Ook voor het Hof was het, getuige de tijdens de zitting gestelde vragen en ontvangen antwoorden een onbegrijpelijke situatie. Een prostituee die inwoont bij de vrouw van haar pooier, de man waarvan ze zegt te houden, maar die nooit de vader van haar kind zal zijn.  Maar dat is niet voldoende om deze man voor mensenhandel te veroordelen. Dat is ook de abortus, gepleegd na zes maanden zwangerschap niet. Daar zal het Hof zonder meer ernstige bedenkingen bij hebben, evenals de omstandigheden waaronder dit moet zijn gebeurd. Maar het kan eenvoudig niet bewezen verklaren dat dit onder dwang is gebeurd. Dat  geldt ook voor de aangebrachte tatoeages.

Het Hof is minder goed te volgen wanneer het stelt de overtuiging te hebben “dat, anders dan men gebruikelijk tegenkomt in mensenhandelzaken, [slachtoffer] kan worden aangemerkt als een uitgesproken zelfstandige, zelfredzame en mondige vrouw”. Hof’s impliciete idee dat het bij mensenhandel veelal zou gaan om niet zelfstandige, niet zelfredzame slachtoffers, is op z’n minst bevreemdend. Natuurlijk zijn die vrouwen er ook. Die mondigheid, dat zelfstandige, die ‘mij kun je niets maken houding, lijkt  evenwel  juist een gevolg van de door de ellende van jaren heen opgebouwd keihard pantser. Zonder dat pantser is de keiharde wereld van prostitutie niet te overleven. Een pantser waar je niet zo maar doorheen breekt met enkele vragen. Een pantser dat bij deze vrouw alleen brak toen het ging over de abortus. De abortus, als het zo nog mag heten, die na zes maanden zwangerschap plaatsvond, ergens buiten Nederland. Er waren zelfs foto’s. Misschien wel kleertjes, wie zal het zeggen? We zullen het waarom nooit weten, het waarom van dat tijdelijke gat in haar ongenaakbaar pantser.  Voor het recht is dat onvoldoende. Geen bewijs van dwang of misleiding, dus vrijspraak van mensenhandel. “Hij achtte zichzelf altijd al onschendbaar.”[1] Zo ook was zijn houding in de rechtszaal en zo ook lijkt het te zijn.

Lees hier eerdere posts over deze zaak:

Een prostituee kan niet de moeder van mijn kind zijn.

Vier jaar voor mensenhandel een mooie straf met kleine les

 


[1] Zo beweert iemand die het kan weten.

Rechtbank Zutphen begrijpt weinig van mensenhandel

February 1st, 2012 Comments off

 

Rb Zutphen

De rechtbank Zutphen spreekt op 24 januari 2012 een drietal verdachten vrij. Zij hebben een vrouw en een meisje, beiden afkomstig uit Estland waarvan een  jonger dan 18 jaar, in de prostitutie gebracht. De rechtbank doet dat, omdat niet kan worden vastgesteld of verdachte heeft geprofiteerd van het geld dat door onder andere het meisje is verdiend, waardoor niet zou kunnen worden bepaald of verdachte het ‘oogmerk op uitbuiting’ heeft gehad. De rechtbank miskent daarbij volledig het gegeven dat uitbating in de prostitutie van een minderjarige verboden is en geen sprake hoeft te zijn van ‘oogmerk op uitbuiting’. Voldoende voor strafbaarheid is dat verdachte het meisje ertoe heeft bewogen zich beschikbaar te stellen voor prostitutiewerkzaamheden. (artikel 273f, lid 1 sub 5) En dat hebben ze, dat wordt althans niet betwist. Een bijzonder rommelig vonnis waaruit allesbehalve kennis van  het delict mensenhandel blijkt. (LJN: BV2125; BV2116; BV2105)

Politie krijgt een melding geluidsoverlast en treft bij controle een beschonken man en twee jong uitziende vrouwen achter de ramen, waarvan een naar later blijkt, minderjarig. De agent meldt nog dat hij komt vanwege de overlast en vertrouwt het niet. Waarom, wordt niet duidelijk. Wanneer tien minuten later meerdere agenten het pand betreden, laten de agenten helaas achterwege zich te legitimeren, evenmin wordt verteld waarvoor ze in tweede instantie de woning binnentreden. De vrouwen worden meegenomen ter controle en overgedragen aan de vreemdelingenpolitie. Dat de politie verzuimt zich te legitimeren, ook al betreden ze de woning na uitnodiging, maakt dat het bewijs dat vervolgens wordt vergaard tegen een van de drie verdachten niet mag worden gebruikt. Dat leidt tot vrijspraak van een van de verdachten.[1] Voor de twee andere mannen die geen hoofdbewoner zijn van het pand, oordeelt de rechtbank dat zij niet onevenredig in hun belangen zijn geschonden en mag het bewijs wel worden meegewogen. Read more…

Hij stond erbij en keek ernaar: vrijspraak voor achtergronddader mensenhandel

May 23rd, 2011 Comments off

17 mei Rechtbank Leeuwarden LJN: BQ4976, 17/880032-11 VON en LJN: BQ4979, 17/880031-11 VON. Twee broers hebben samen drie vrouwen vanuit Bulgarije via Duitsland in Leeuwarden in de prostitutie te werk gesteld. De vrouwen zijn aanvankelijk geheel vrijwillig in de prostitutie gaan werken. De afspraak was dat de opbrengst 50/50 gedeeld zou worden. Uiteindelijk zagen de vrouwen niets of bijna niets van het door hen verdiende geld terug dat zij af moesten geven aan broer 1. Door broer 1 werden zij bovendien mishandeld en gedwongen te blijven werken in de prostitutie. Broer 2 deed niets, althans hij nam alleen, volgens afspraak zijn deel van het geld aan en begeleide de vouwen op reis naar Nederland. Broer 2 wist of heeft moeten geweten van de mishandelingen en de dwang. De vraag is of Broer 2 strafrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld. Dat kan in de zin van medeplegen. De rechtbank vindt van niet. Dat zou op basis van de wetsgeschiedenis ook kunnen op grond van het zesde sublid van artikel 273f omdat hij gezien kan worden als ‘achtergronddader’. Dat laat de rechtbank onbesproken. Dat roept op z’n minst enige vraagtekens op.

Read more…